Noordmolen Twickel - Beukennooitjes

Olieslaan uit beukennootjes

Olieslaan uit beukennootjes

Een oud gebruik in Eerbeek was het olieslaan uit beukennootjes in de Eerbeekse Oliemolen

Op de Veluwe trof men veel beukenbomen aan. Men had ontdekt dat door olieslaan uit beukennootjes olie kon krijgen waarmee men heerlijke pannenkoeken kon bakken.

 

Het water waaraan de Eerbeekse Oliemolen ligt is een sprengenbeek. Deze ontspringt bij een sprengenkop op de Veluwe. Dat is een tot op het grondwater gegraven gat, waardoor het water vrij komt en gaat stromen. Door het natuurlijk hoogteverschil op de Veluwe ontstaat een beek. De sprengenbeken op de Veluwe zijn met de hand gegraven in de periode 1600 – 1800.

Het stromende water leverde waterenergie op voor het aandrijven van het waterrad, dat weer voor het aandrijven van het molenrad zorgde. Het aldus gewonnen schone water had een temperatuur van plm. 10 graden Celsius, ook in de wintermaanden. Daardoor verrezen langs deze sprengen op de Veluwezoom veel molens, papierfabrieken en wasserijen.

Watermolen

In 1684 werd een korenmolen ingericht op de plek waar nu Restaurant Grand Café De Korenmolen staat. Iets verder aan de andere kant van de beek, werd een oliemolen gebouwd. De oliemolen werd in 1860 naar de huidige plek verhuisd en tegen de bestaande korenmolen aangebouwd. De graanmaalderij werd in 1967 gesloopt, maar de oliemolen met waterrad bleef gelukkig staan.

Op de Veluwe was het vroeger dus gebruikelijk om ‘beuk te garen’. Dat wil zeggen, beukennootjes verzamelen om er olie uit te slaan, het zogenaamde ‘beuk slaan’. De oliemolen was een nevenbedrijf voor de molenaar, maar zorgde naast inkomsten voor hem, ook voor neveninkomsten voor de kleine boeren.

In de beukennootolie bakte men de fijnste pannenkoeken en oliebollen. Het ‘restproduct’ diende als veekoeken voor de paarden en koeien. Van een mud (= 70 kg) beukennootjes verkreeg men 7 tot 10 liter olie. De olie had een zachte, enigszins zoetachtige smaak. Ze is niet zo vet als raapolie (van koolzaad). Daarom was de beukenolie ook geliefd bij viseters. In die tijd was de prijs beukenolie per liter 15 á 20 cent hoger dan raapolie!

Na 1920 werd van hogerhand verboden om beukenolie te persen. In beukennootjes zit teveel blauwzuur en dat is giftig. De oliemolen werd daarna niet meer gebruikt. De Eerbeekse Oliemolen is in 2007 gerestaureerd en weer maalvaardig gemaakt. Thans wordt uit lijnzaad lijnzaadolie geslagen.

Belangstellenden kunnen de molen elke zaterdag en in juli en augustus ook op zondag bezichtigen. Er is deskundige uitleg over de werking en men ziet het hele proces van olieslaan. En alles dankzij ‘water’. Zie tevens het artikel op deze website Een wagen vol verhalen.

Noot: Door de beukennootjes te roosteren, of enige tijd laten drogen, vervliegt cyanide (blauwzuur) die in piepkleine hoeveelheid in het beukennootje voorkomt.

Geplaatst in Molens en getagd met , , , , , .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *