Watervluchtmolen

Watervluchtmolen

 

Bezoek (24-06-2017) Kildonkse molen Heeswijk-Dinther

Deze molen is een unieke combinatie (enige in Nederland en uniek in Europa) van een windmolen met een water aangedreven molen (watervlucht korenmolen en een water gedreven oliemolen). Er zijn molenaars die zowel zijn gecertificeerd voor beide of alleen voor windmolen c.q. watermolen. Aanwezig zijn twee waterraderen die aan elkaar gekoppeld kunnen worden. De raderen constructie is vervaardigd van staal maar de schoepen zijn van hout. De korenmolen kon zowel door wind- als door waterkracht aangedreven worden via een koppeling. In de praktijk gebeurt dit niet meer omdat de kans op schade aan de aandrijving te groot is.

Voorslag en naslag

De oliemolen heeft een voorslag en naslag. Het voorslag- en naslagblok en de zes stamperpotten zitten in dezelfde eikenbalk. De enorme 16 m lange wentelas is van eikenhouten en voorzien van 10 stalen spaken. De wentelas is voorzien van twee tussenlagers van hardsteen, de as is op de plek van het lager voorzien van stalen schenen. De wentelas aan de niet waterzijde is gelagerd in hardsteen en voorzien van een stalen astap. Aan het plafond hangen stukken buikspek, hiervan wordt een stukje afgesneden om de lagers te smeren.

Kamrad, rondsel, koningsas, heien en stampers

Het aswiel (kamrad) drijft via een tussenrondsel het wentelaswiel (kamrad) van de koningsas (wentelas) aan. Bij één omwenteling van de wentelas worden de heien twee keer en de stampers drie keer gelicht. Voor de aandrijving van de roermessen van de twee vuisters via de overbrengers en de kroonwieltjes zitten er op de wentelas twee kransen. De heien en stampers zijn van hout en van de haagbeuk gemaakt. Wat hier opvalt is dat de kollergang linksom draait. Waarom hiervoor gekozen is omdat er een extra tussenrondsel nodig is, wordt mij niet duidelijk. De staven van dit rondsel en ook van het wentelas ronsel, bij het steenwiel van de kollergang zijn van een stalen pijp gemaakt.

Kollergang, kollerstenen, vuister, wigpers

Tegen de kollerstenen zit een houten plank die de aanklevende meel van de steen schraapt. Met aan elke kant van de steen een veer wordt het plankje tegen de kollersteen getrokken. Wat ook opviel is dat het asgat aan de buitenkant van de kollerstenen niet sleufvormig is. Er is waarschijnlijk speling genoeg om de steen ruimte te geven bij oneffenheden op het bed.

Er zijn twee vuisters, een voor de voorslag en een voor de naslag. De pannen zijn van een groot formaat. De wigpers met de lade en het slagwerk is ook enorm groot en massief uitgevoerd, ziet er indrukwekkend uit. Tegen de staander (het buitenste ijzer) is een essenhouten veer geplaatst die het ijzer naar buiten drukt zodat de persplank met buil makkelijker te plaatsen is. De ijzers zijn bijzonder zwaar/dik uitgevoerd. Het (binnenste ijzer) jaagijzer rust op een houten nok die op het kussen is geplaatst. In deze molen wordt ook regelmatig walnotenolie geslagen. De noten worden op de eerste verdieping in open bakken gedroogd.

Voor meer info zie:

Geplaatst in Molens en getagd met , , , , , , , , .